Toen het schooljaar (2013-2014) van start
ging, had mijn moeder al een paar andere scholen bereikt. De andere scholen wilden mij op Havo niveau aannemen als mijn huidige school opstroom zou steunen. Mijn mentrix en ik hebben daarover een kort gesprek gevoerd. Hieruit bleek dat mijn mentrix behoorlijk cynisch en sceptisch naar de overstap keek, en probeerde het uit mijn hoofd te praten. Toch gingen mijn moeder en ik verder acties ondernemen.
In de tweede schoolweek gingen mijn moeder en ik in gesprek met de school, om te praten over mijn wil om door te stromen. De teamleider, mijn mentrix en de
remedial teacher (RT'er) waren betrokken bij dit gesprek. Ik voldeed niet
aan de criteria qua cijfers, maar omdat er mogelijk sprake was van onderpresteren
kwam ik met het verzoek om verder te kijken met behulp van verrijkings-/Havo stof of proefdagen op het Havo.
Zij namen mij niet serieus; de school kwam heel simplistisch tot de
conclusie dat mijn verlang om op te stromen gecreëerd zou zij door een sociaal probleem. Eigenlijk kan een sociaal probleem al iets aangeven.
Zij beweerden dat ik aan de klassenwisseling moest wennen. Dat bleek het probleem niet te zijn. Mijn wil om door te stromen naar Havo te gaan werd daardoor niet minder, dus volgde een maand later weer een gesprek. Het was de bedoeling dat we weer terug zouden keren op mijn opstroomverzoek, wat we ook naar de school ge-e-maild hebben. Uiteindelijk is alleen een tweede klassenwisseling ter sprake gekomen. Dat was mede vanwege mijn Sensorische Integratie Stoornis (S.I.S); De klas waar ik nu in zat was te stil. De klas waarin ik na dit gesprek werd geplaatst was drukker, ofwel meer geluidsprikkels, wat mij helpt beter te concentreren.
In het begin van het schooljaar had ik een leestoets gemaakt zonder dat ik enige ondersteuning kreeg voor mijn dyslexie en S.I.S. Het resultaat was een 2. Later mocht ik dat proefwerk herkansen, maar dan wel met de benodigde ondersteuning. Het resultaat was een 7 (evenals mijn andere leestoetsen). Toch had de RT'er (als mijn Nederlands docente) de cijfers met elkaar gemiddeld (=4,5).
Dat gemiddelde was belangrijk, want de RT'er had mij sinds het derde gesprek een worstje voorgehouden. Als ik een 7 gemiddeld zou staan voor de kern vakken, ze een Havo advies zouden overwegen. Omdat de berekening van het herkansingscijfer niet ter sprake was gekomen in het voorgaande gesprek, had ik dit aan mijn mentor verteld en hij zou met haar daarover praten. Een paar dagen later kwam hij terug met de mededeling van de RT'er: Dat ik blij moest zijn met het feit dat ik dat proefwerk mocht herkansen. Hij gaf wel de indruk dat hij haar reactie raar vond, maar hij wilde zich er zo min mogelijk mee bemoeien. Dit was de aanleiding om een advocaat in te schakelen. Niet om een rechtszaak te starten, maar als mediator. Het was duidelijk dat er geen gehoor werd gegeven aan mij of mijn moeder, maar misschien wel aan een advocaat.
Wat nog een aanleiding was om een advocaat in te schakelen, is dat docenten mijn opstroomverzoek demotiveerden. Niet alleen tegenover mij, maar ook tegen klasgenoten. Als voorbeeld: Een docente Duits zei tegen klasgenoten van mij dat ik niet het Havo zou bereiken, en dat ik blij mocht zijn dat ik überhaupt op het Vmbo-T zat. Ik volgde niet eens meer Duits, wat had een docent die mij geen les gaf over mij te roddelen?
In het begin van het jaar vroeg mijn mentrix van destijds al: "Wanneer geef je het op? Het is toch niet leuk om steeds afgewezen te worden?" De houding van de RT'er was vooral opmerkelijk, door het laag houden van het cijfer en de cynische opmerkingen die zij maakte in het gesprek van december. "Het lukt je toch niet." Dat ik de capaciteiten heb om het Havo te halen was al aangegeven door diverse testen. Omdat de RT'er dat beeld niet kreeg van mijn cijferlijst, vroegen wij juist om verder te kijken, of er sprake was van onderpresteren. Zeker van de RT'er werd geacht dat zij haar expertise over onderpresteren zou gebruiken. Omdat zij weigerde daar gehoor aan te geven, werd het de hoogste tijd dat ik mijn verhaal ergens kwijt kon, en niet met de vloer gelijk werd gemaakt.
De advocaat, mijn moeder en ik hadden inmiddels overleg gevoerd. De advocaat zou zo spoedig mogelijk de directie van de school aanschrijven, want tijd was een belangrijke factor. Zodra de school gereageerd zou hebben op zijn brief zou hij ons op de hoogte stellen. Echter hadden wij na bijna twee weken niets van hem vernomen.
Inmiddels hadden we sinds het gesprek van december al meerdere scholen gevonden die mij wel halverwege het jaar wilde laten instromen in 3 Havo, wanneer mijn school opstroom zou adviseren. Één school daarentegen geloofde wel in de moderne visie op onderpresteren. Daarom wilde die school ook aan mij zien dat ik het niveau aankan en zou dan bereid zijn geweest het advies van mijn school te negeren. Echter... van twee vakken kreeg ik Havo stof uitgeleend, enkel van de Bèta kant. Door de nalatige en demotiverende handelswijze van de RT'er, in dit geval als mijn Nederlands docente, werd het aantonen dat ik ook de talige kant van het Havo aankon belemmerd.
Ik raakte geïrriteerd door het simplisme van de Vmbo stof en raakte daardoor vermoeid en hangerig. Daaraan begon ik te merken dat het aanpassen aan het Vmbo-T niveau mij teveel energie kostte. Er moest dus snel vooruitgang geboekt worden.
In mijn e-mail stond dat ik het raar vond dat zij het uiten van frustratie toejuicht, maar dat de vraag om meer uitdaging gekleineerd wordt.
Het tegenbericht van de RT'er kwam tamelijk sarcastisch over, een indruk die ook een aantal klasgenoten kregen toen ze haar bericht lazen. "Voel je vrij en ga naar de Havo." had ze terug gestuurd. Dit bericht ontving ik in de eerste pauze. Direct daarna had ik Nederlands les, ofwel les van haar. Zij wilde in gesprek gaan met mij op de gang. Toch wilde ze niet dat iemand uit mijn klas ons gesprek kon horen. Daarom had ik de deur van het klaslokaal open laten staan. Ik hoopte dat ik daardoor
getuigen zou hebben, want ik had een wantrouwend gevoel over dit gesprek! Ze zei dat de deur dicht moest en ik bewoog de deur ook een beetje, maar heb hem nooit dichtgedaan.
De docente vroeg: "Waarom heb je die e-mail gestuurd?" Ik antwoordde daarop: "Om de zaak te bespoedigen." Vervolgens vroeg ze dezelfde vraag opnieuw, wat ik raar vond en stil sloeg. De docente stelde: "Jij gooit jouw afval in mijn tuin." Ik zei dat haar manier van handelen tegenwerkend is om door te stromen naar het Havo. Ze zei dat de school mij al genoeg geholpen had, waarna zij zei dat ze mijn advocaat gesproken had en dat allemaal aan hem verteld had. Vervolgens begon ik over de twee en de zeven die zij gemiddeld had. Ze zei: "Ik had jou die herkansing helemaal niet hoeven geven en dat was super lief van mij." Omdat het onmogelijk bleek te zijn om met haar in discussie te gaan had ik het gesprek afgekapt en was terug gegaan in het lokaal. Die les mocht ik zowaar nog wel bijwonen.
Bij de volgende les mocht ik van de docent mijn moeder bellen. Zij nam niet op. Onderweg terug naar het lokaal kwam ik de directeur tegen. Kennelijk was hij eerst niet op de hoogte gesteld over wat er gaande was. Hij was pas op de hoogte gesteld toen hij de brief van de advocaat ontving. Hij sprak rustig tegen mij, maar zei drie maal dat ik terug moest naar de les, ondanks dat ik hem niet onderbrak.
Na die les begon de tweede pauze. Aan het eind kwam de directeur naar mij toe en zonder iets te zeggen gebaarde hij dat ik mee moest gaan naar zijn kantoor. Met een onnozel gebaartje wees hij mij een stoel aan. Hij ging tegenover mij zitten en zei dat hij twee dingen te vertellen had. "Ten eerste deel ik jou mee dat je niet meer welkom bent in de lessen van de RT'er. Ten tweede sta je op het punt om definitief verwijderd te worden van school!" riep de directeur voluit. Wat hij vervolgens zei verbaasde mij: "Je mag best boos zijn, maar dat je een docent bedreigt is wat anders!" Ik was sprakeloos. "Ik wil je best wel helpen een andere school te zoeken, maar dat wordt geen Havo!" Nadat hij dat zei vroeg ik: "Wat is de bedreiging?" De directeur antwoordde: "Jouw woede aanvallen! Dat wordt hier niet getolereerd!" Verder werden er niet veel woorden meer uitgewisseld. Ik ging richting mijn les. Toen ik dit aan mijn klasgenoten had verteld konden zij, evenals ik, het niet geloven.
De rest van de dag was beangstigend. Het was de vraag wat de volgende handelingen van de school zouden zijn. Het werd ons helder dat de school in staat was om alles te verdraaien en verkeerd uit te leggen. Toch had de e-mail zo zijn voordelen. De ware aard van de school werd steeds duidelijker; ze zullen zolang als maar kan, mijn schooladvies op Vmbo-T behouden. Ook werd duidelijk dat ze zullen hanteren als een eenheidsworst, tot in tegenstelling van belangen, het bieden van kansen en kijken naar het gelijk. Mijn moeder en andere kennissen stelden mij in het gelijk. De RT'er heeft de e-mail geprovoceerd, en de e-mail was verre van bedreigend!
In de avond hadden we contact met de advocaat. Persoonlijk zou hijzelf de e-mail niet gestuurd hebben. We hadden hem verteld dat we niets meer van hem vernomen hadden sinds het eerste gesprek met ons. Kennelijk had hij naar ons een brief en een e-mail gestuurd toen de directeur gereageerd had op zijn brief. Dat was ruim een week hiervoor. Wij hadden niets ontvangen via post of e-mail. Deze keer belde hij ons om mee te delen dat de directeur hem bereikt had, te melden dat ik tijdelijk niet meer toelaatbaar in de Nederlands lessen zou zijn in verband met mijn bedreigende houding. De directeur heeft niet gezegd wanneer ik wel weer toelaatbaar zou zijn. Niet aan mij, evenals aan de advocaat. Het enige dat hij meedeelde aan mij was dat ik mij tijdens de Nederlands lessen moest melden bij de teamleider. De advocaat vroeg zich af hoe we nu verder moesten gaan. Nu vertelden we hem dat we een school gevonden hadden die wel bereid was om ons te helpen. Toen zei de advocaat: "Dus we hebben waarschijnlijk de huidige school niet echt meer nodig." Verder vroeg ik aan hem wat de RT'er tegen hem had gezegd. Hij reageerde verbaasd, maar kort en krachtig: "Ik heb die hele RT'er nooit gesproken!" De dag hierna werd de brief van de advocaat bezorgd.
De zaak kwam twee weken tot stilstand; de week hierop ging ik met mijn klas op kamp. De week daarna begon de voorjaarsvakantie. Zo was het maart en toen vond een gesprek plaats met de directeur, de teamleider, mijn moeder, mijn advocaat en ikzelf. Hiervoor hadden de directeur en de advocaat enkele keren contact met elkaar via e-mail. Dat kort samengevat: De advocaat ergerde zich enorm aan hem. Woedend belde hij ons op, omdat de directeur hem commando's zat te geven. Zijn rol was in dit geval om mediator te zijn, hoewel het immers te voorzien was dat de directeur in het gesprek zijn hakken in het zand zal zetten.
Het gesprek met de directie vond plaats op 3 maart. Uit dit gesprek bleek, zoals voorspeld, dat de directeur geen enkele bereidheid toonde om mee te werken. Hij maakte opmerkingen als: "Cliënt moet inzien dat hij niet altijd zijn zin kan krijgen." "Als ik een Havo advies zou geven, wat moet ik dan zeggen? Omdat moeder dat wil?" en bleef vasthouden aan zijn eigen gedachte, dat ik het Havo niet zou halen. Toch zei de teamleider op het eind - overduidelijk tegen de zin van de directeur in - dat hij zo'n positief mogelijk advies wilde geven aan andere scholen. Toen hij die opmerking maakte keek de directeur hem grommend aan, maar durfde daar niet tegenin te gaan waar wij bij zaten. De directie wilde ook dat ik een excuses zou ophoesten aan de RT'er. Dat moest in overleg gaan met de teamleider. Zolang dat niet gebeurde 'kon' ik de Nederlands lessen niet bijwonen. De advocaat vond ook dat deze stap gezet moest worden, ondanks dat haar reactie overdreven was. Dat kwam neer op een schijn excuus. Dit raadde hij aan zodat we dan mogelijk de school meer aan onze kant zouden krijgen.
Wij bleven in contact met de andere school. We hadden ons standpunt inmiddels bij hen toegelicht, en we keken of er op korte termijn een afspraak gemaakt kon worden. Verder was het wachten op een antwoord van die school.
Wat de Nederlands lessen betreft op mijn school? Ik zou opgevangen worden door de teamleider, bij wie ik tevens de proefwerken zou krijgen die plaats zouden vinden tijdens mijn verwijdering. De Nederlands lessen waren blok- en randuren. Vanwege deze reden zei de teamleider: "Ga maar lekker naar huis." Ik werd door hem, en alle andere docenten in ieder geval niet gezien als iemand die één van zijn collega's bedreigd zou hebben. Hun houding schiep zeker een indruk tegenover de reactie van de RT'er. Toch moest hij degene zijn die mij de woorden in de mond zou leggen tijdens het schijn excuus.
De pauze was zo goed als afgelopen, althans het leuke deel. De teamleider kwam naar mij toe. Hij vroeg of ik het excuus op papier had geschreven want hij had dat graag nog even willen controleren of ik het op de goede manier zou aanbieden. Ik had niks opgeschreven.
De bel was gegaan.
Haastig en in paniek zocht ik mijn klasgenoot. De teamleider stond nog met een andere
leerling te praten, waardoor ik hem op tijd gevonden had. Vervolgens riep de Natuurkunde docente mij nog. Ik had gevraagd om
verrijkings-stof en zij had mij een Havo/Vwo boek gegeven.
Toen ik eenmaal haar lokaal uit liep
ging ik meteen naar mijn klasgenoot toe, en we gingen samen naar de teamleider en de RT'er toe. “Wat kom jij hier doen?” vroeg de teamleider aan mijn klasgenoot. “Ik ben hier als de vertrouwenspersoon van Anton.” Antwoordde hij. “Oh, begint
het zo al? Nou, dan hoeft het van mij niet meer!” riep de RT'er
hysterisch, en liep direct naar haar lokaal. De teamleider was verbaasd. We liepen
langzaam weg, terwijl de teamleider niets zei. Toen wij bij
ons lokaal aankwamen, riep de teamleider als een kleuterleraar: “Anton,
kom eens even hier!” Ik kwam niet meteen, want mijn klasgenoot en ik overlegden vluchtig of het verstandig was of hij wel of niet mee zou gaan. Inmiddels riep de teamleider: "Ik wacht nog steeds hoor." Vervolgens kwam de directeur erbij en riep als een hond: "Anton, kom onmiddellijk hier!" Toen zei ik tegen mijn klasgenoot: "Ga maar het lokaal in." en vervolgens liep ik naar hen toe.
De directeur had mij toegesproken, vertellende dat ik de teamleider voor Jan met de korte achternaam had laten staan. Ironisch genoeg gaf hij de teamleider geen enkele ruimte om iets in te brengen. Toen beweerde hij dat ik een afspraak gebroken zou hebben. Ik zei dat het mijn excuus zou zijn en daar graag een vertrouwenspersoon bij wilde hebben. Vervolgens zei de directeur dat hij de regels maakt, en had mij hierbij voor de rest van de dag geschorst...
Toen ik eenmaal thuis kwam hadden mijn moeder en ik overleg gevoerd. Zij gaf mij al helemaal geen ongelijk en had later op de dag naar de school gebeld. Mijn moeder, de directeur en ik hadden voor twee dagen later een afspraak gemaakt. Echter had de school haar niet op de hoogte gesteld, te melden dat ik niet meer op school aanwezig was. In feite overtrad hij daarmee een bestuursrecht en een zorgplicht.
Terwijl ik onderweg was naar huis ontving ik berichten met de vraag waarom ik geschorst was. Er was een persoon die de RT'er had gesproken, nog geen minuut nadat ik geschorst was. Zij gaf aan mij door dat de teamleider tegen de RT'er zei dat ik geschorst ben, evenals dat de RT'er onjuistheden over mij begon te verspreide. Ironisch genoeg is de RT'er ook de vertrouwenspersoon van de school.
Later op de dag had mijn klas les van haar. Uit de Whats-app berichten die ik ontving in de avond, was op te maken dat de RT'er leugens over mij verspreide, waarvoor ik eerder op de dag al gewaarschuwd was. Zo zou zij tegen mijn klas gezegd hebben dat ik haar meerdere malen via e-mail bedreigd zou hebben. Niet iedereen geloofde dat. Wat zij kennelijk ook zei, is dat ik de leestoets van haar mocht herkansen zodat ik niet zo'n laag cijfer zou hebben. Weer een onjuistheid.
Zo betwisten enkele klasgenoten mij dat men alleen hogerop aankan als je boven zevens gemiddeld scoort. Een discussie die geen serieus niveau had bereikt: Een vraag die ik stelde, waarop ik aanstuurde op onderpresteren of het anders interpreteren van de Vmbo vraagstelling (in testsituaties), wilden klasgenoten niet vanuit gaan dat die situatie bestaat, of was voor hen te complex om over na te denken. Hetgeen wat, en hoe de RT'er mijn klasgenoten had aangesproken kwam neer op smaad.
De dag hierna had mijn moeder mij ziek gemeld, en de dag daarna vond het gesprek plaats met de directeur. Toen wij op school aankwamen zag ik een klasgenoot van mij. Ik had hem kort kunnen inlichten over wat er gaande was. De directeur had mijn moeder koffie aangeboden, maar zei geen woord tegen mij. Toen gingen we naar zijn kantoor. Zonder een enkel woord te zeggen, leidde hij ons zijn kamer binnen, en ging zitten. Vervolgens zei hij weer niets en gaf met een gebaartje aan dat wij het gesprek moesten starten.
Mijn moeder zei dat wij ons weer niet gehoord voelden, wat ook zo was en de aanleiding is van het gesprek. De directeur wilde iets zeggen, maar mijn moeder wilde er nog iets aan toevoegen. Meteen blafte de directeur over de tafel: "U moet uw mond houden! Ik maak hier de regels! Ik ben er nu echt klaar mee." In feite moet een directeur er voor zorgen dat de regels worden uitgevoerd, hij maakt ze niet. De directeur zei dat hij de afwezigheid van de dag daarvoor moest melden, maar om ons te sparen had hij dat niet gedaan. In feite hoeft hij het wettelijk gezien niet te melden als het om één dag gaat. Ook de verwijdering uit de les Nederlands is nooit gemeld, wat inmiddels meer dan een maand duurde. Door het zogenaamde sparen werd ons het recht van spreken afgenomen. Zo was de schorsing, en de verwijdering uit de les Nederlands niet aanvechtbaar. Mijn moeder zei dat hij zich niet aan de wet hield doordat hij niet aan haar gemeld had dat ik geschorst was. De directeur antwoordde: "U heeft niet gevraagd of ik hem geschorst had. Ik heb hem een time-out gegeven." Daarmee beweerde hij later dat hij zich goed aan de regels hield, en niet de procedure van een schorsing hoefde uit te voeren, terwijl hij het enkele keren een schorsing noemde tijdens het gesprek. Toen ik hem daar attent op maakte zei hij: "Het is maar een woord."
Wat verder uit dit gesprek naar voren kwam, is dat hij bekende dat ik een schijn excuus moest aanbieden aan de RT'er, want anders zou zij mij niet meer in haar lessen toelaten. Ook moest dit begeleid worden door de teamleider, want een docent die ik vertrouwde, mijn mentor, was volgens hem een gepasseerd station. De directeur beweerde ook dat ik overlast bezorgde, omdat ik op social-media had gezet dat ik binnenkort een gesprek heb met een school, waar ik mogelijk kan instromen in het Havo. Hij beweerde dat dat niet zo was, want hij of de teamleider waren niet bereikt door die school. Toch zei die school tegen ons dat ze wel contact hadden gelegd met mijn huidige school, en er stond al een gesprek gepland met die school op 20 maart. Het gesprek kwam op deze manier langzamerhand ten einde. Dat leek vredig te zijn, maar toen wij thuis weer nadachten over hoe het gesprek verliep, kwam het er uiteindelijk op neer dat de directeur een blok beton is.
Een dag die tot vele veranderingen leidde in de zaak was 20 maart. Die dag zou ik in gesprek gaan met de enige school die mij een kans wilde aanbieden op het Havo niveau, ongeacht het advies van mijn school. In de ochtend voelde ik mij vrij normaal, maar later de dag voelde ik me onwel.
Vlak voordat het gesprek plaats vond had ik last van mijn maag, en tijdens het gesprek kreeg ik een black-out. De teamleider van de school stelde mij vragen waarop ik antwoorden gaf die irrelevant waren. Hierdoor kreeg hij een verkeerd beeld van mij. Ik voelde me onwel en wilde zo snel mogelijk naar huis.
Ik voelde mij zo beroerd dat ik eenmaal buiten in elkaar klapte. Ik werd ziek en het dreigde te escaleren. Spanningsklachten traden op. In dit geval waren het voornamelijk flikkerscotomen. In mijn familie komt dit voor bij een overdosis aan stress en spanning. Sindsdien heb ik geen enkele lesdag meer gevolgd op mijn school.
20 maart is voor mij altijd de datum geweest dat ik uitviel, maar in de tweede week van april vond de SE week plaats (schooldagen van ongeveer 2 uur zonder les), een week waar ik nog wel aanwezig was. Deze week gebruikte ik ook om te kijken of ik langzaam weer naar school kon terugkeren, maar de school was nog steeds bezig mij door het slijk te halen.
De teamleider ging met mij (weer) kort in gesprek, over wat ik tegen de RT'er moest zeggen. Hij had nooit meer gesproken over het moment dat ik een vertrouwenspersoon erbij wilde hebben. Ik moest (thuis) opschrijven wat ik letterlijk ging zeggen tegen de RT'er. Hij ging controleren of het voldoende was. Toen hij die brief had gecontroleerd mocht ik weg en hij ging elders naartoe. Hij had kennelijk de brief besproken met de RT'er, om te kijken of zij er wel mee akkoord ging (vermoedelijk). Hij heeft mij hier niet op geattendeerd, ik heb ze zien overleggen terwijl zij kritisch mijn brief zaten te lezen.
Dat vond allemaal plaats in het begin van die week en het excuus zou zo spoedig mogelijk plaats vinden. Echter stelde de teamleider het continu uit, maar vlak voor het einde van de week had ik de brief aan mijn mentor laten zien. Hij zij dat de brief mooi genoeg was, en vond het al goed genoeg als ik de brief zo zou inleveren aan de docente. De teamleider had ik vlak hiervoor gesproken, en hij had het weer een dag uitgesteld (inmiddels een week). Omdat het (zogenaamd) mijn excuus moest zijn, ging ik in de pauze naar de RT'er toe, en leverde de brief in als het definitieve excuus. Ze was aan het pauzeren met een andere docent, en reageerde tamelijk verbaasd toen ik de brief aan haar overhandigde. "Is dat voor mij?" vroeg ze met schijn, ogen groot en dom.
In principe was het voldoende. Toch kreeg ik de indruk dat de school dat niet vond. De dag daarna liep ik naar beneden en zag de RT'er met een big-smile. Ik vertrouwde het niet. Daarom liep ik naar de kluisjes toe en had daar de geluidsrecorder van mijn mobiel aangezet, voor het geval er toch iets zou gebeuren tussen de RT'er en mij. Nog geen minuut daarna kwam de teamleider naar mij toe en zei: "Jij zou nu toch jouw excuses aanbieden?"
Wat hierna gebeurde? We waren met z'n drieën in een kamer gegaan, waar ik vervolgens het excuus moest ophoesten. Ik had letterlijk opgedreund wat er in die brief stond. Wat zij onder meer had gezegd, dus ook op band staat, is dat ze het bizarre e-mails vond. Tevens vroeg zij vooraf en schijnheilig of ik hier op school bleef. In de tussentijd werd er gekeken of de onderhandelingen met de andere school herzien konden worden, waar zij tamelijk verrast op reageerde. Hierna had ik mij ziek gemeld, want ik merkte dat ik weer op het punt stond om in elkaar te klappen, wat ook op 20 maart gebeurde. Hierna heb ik geen enkele schooldag meer gevolgd op deze school.
In de SE week, buiten schooltijd om, waren mijn spanningsklachten het ergst. Het waren voornamelijk flikkerscotomen, maar die kreeg ik al sinds mijn black-out. Wat er in die week bij kwam, was dat er delen van mijn gezichtsvermogen tijdelijk verdwenen. Dit had kunnen leidden tot (tijdelijk) verlies van mijn hele gezichtsvermogen. Het zit bij mij in de familie, en komt enkel voor bij een te veelheid aan stress en spanning.
De hele schoolsituatie zat mij psychisch dwars. Zodra ik mezelf overtuigd had dat ik niet meer naar die school ging, ging het een stuk beter met mijn spanningsklachten. Die klachten hadden ook te maken met het feit dat ik gedwongen werd om op het Vmbo te blijven, en mij daaraan aan te passen. Ondanks dat ik moest uitrusten, ging ik toch door met school. Wel met de stof die mij interessanter leek. Dat was echter Havo-stof. Door de uitval kreeg ik (meer) ruimte om me te verdiepen in de stof en scoorde 88% op een eind Havo 4 Engels proefwerk. Zo ben ik me uiteindelijk gaan verdiepen in de Vwo stof. Ook had de uitval nog een groot voordeel. Hierdoor heeft mijn moeder contact gezocht met een ECHA-specialiste, en zij zei - toen ze eenmaal mijn verhaal had gehoord - dat er bij mij mogelijk sprake is van hoogbegaafdheid.
Het gesprek met de leerplichtambtenaar verliep verrassend goed. Hij stond achter mijn idee, en zou de school (waar ik mogelijk kon instromen in het Havo) bereiken en kijken of zij mij toch nog een kans wilde geven. Ook had hij begrip voor mijn schoolverzuim en eiste niet dat ik direct terug naar school moest keren, maar mijn stress klachten moesten vastgesteld worden door een deskundige.
Een dag later belde de leerplichtambtenaar. Hij had kennelijk contact gehad met de eerder genoemde school. Die school wilde mij de kans niet geven, maar ze waren nog niet uit beeld. Ze gaven het advies om met de zorgcoördinator in gesprek te gaan. Kort hierna had mijn moeder mijn school bereikt, want we wilden in gesprek gaan met de zorgcoördinator. Na meer dan een maand afwezig te zijn, zei de school dat ze de indruk kregen dat het 'niet zo goed' ging met mij. Het gesprek met de zorgcoördinator ging door, twee dagen voor de meivakantie.
Het gesprek met de zorgcoördinator leidde wel tot vooruitgang, maar we kregen ook het idee dat hij ons naar de mond praatte. Hij was de enige van de school - uit het zorgteam - die zei: "Ik steun je." Ook zou hij mij vrij laten in mijn ideeën. Aan de andere kant zat hij kleine eisen te stellen en maakte een sarcastische opmerking aan het eind: "Dit is allemaal veel beter dan een rechtszaak te starten." terwijl de advocaat in het begin al had aangegeven dat hij optrad als mediator. Verder zou hij de schoolarts bereiken voor een gesprek met mij, ik moest naar een fysiotherapeut of psycholoog en er werd een multi disciplinair overleg (MDO) geregeld. Ook moest ik na de meivakantie direct terugkeren naar school. "Je moet maar even de kiezen op elkaar zetten." zei hij, maar na de vakantie realiseerde hij zich pas hoe groot de ernst was van mijn stressklachten. In de vakantie was er relatief veel gebeurd:
Vlak nadat ik beschuldigd werd van het bedreigen van een docent (februari) hadden we contact gezocht met de landelijke onderwijsjurist, Katinka Slump. Op 2 mei, in de meivakantie had zij contact met ons opgenomen, met de vraag hoe de rest van de zaak is verlopen. Ons verhaal was kennelijk interessant. Interessant genoeg om op RTL-nieuws te laten verschijnen. Zij mocht een item uitzenden, en had ons bij deze als 'voorbeeld zaak' gekozen om op tv te presenteren.
Op dinsdag 6 mei vond het gesprek plaats met mij en de schoolarts. Na het horen van mijn verhaal kon ze verder alleen een psycholoog adviseren en daarbij dwong ze mij niet om terug te gaan naar die school. We waren haar al een stap voor, want we hadden sinds kort al contact met een psycholoog. Ze reageerde zeer verbaasd toen ik zei dat ik geïnterviewd werd door RTL-nieuws.
Woensdag 7 mei vond het interview plaats en dezelfde avond werd het twee maal op tv vertoond. RTL wilde ook de school interviewen, maar omdat het vakantie was, was de directie niet aanwezig. De journalist zei dat degene die opnam, schrok van hun telefoontje. De directeur zat in het buitenland, maar de school zou hem direct op de hoogte stellen via zijn privé nummer.
Eerst werd mijn moeder geïnterviewd, vervolgens ik. De vragen die mijn moeder kreeg waren tamelijk volwassen en serieus, tot in tegenstelling van de vragen die ik kreeg: "Krijg jij vaak jaloerse Whats-App berichtjes van je klasgenoten, omdat je niet meer naar school gaat?" In mijn opzichte leek dat eerder op Jeugdjournaal. Een vraag die opviel was: "Wat ga je na dit schooljaar doen? Leg je je er dan bij neer, of ga je door met de zaak?" Ik antwoordde, met mijn articulatieprobleem, dat ik door zou blijven gaan.
Totdat de uitzending plaatsvond hadden wij niets meer vernomen van RTL. We hadden geen flauw idee op welke manier het vertoond zou worden. De eerste uitzending werd uitgezonden om 18:00. We waren het eerste nieuwsitem wat uitgezonden werd, aangekondigd als: "Naar de rechter, over het schooladvies van je kind." We hoopten dat dat een sensatieshot was, maar helaas. Mijn moeder had drie keer de vraag gekregen: "Als niets werkt, zou u dan bereid zijn om het ten einde te brengen in een rechtszaal?" Toen zij het gewenste antwoord daarop gegeven had, vroeg de journalist ook nog eens: "Want u wilt gelijk krijgen?" Mijn moeder keek toen weg, want ze had door dat dat stukje gebruikt zou worden. Zij antwoordde dat ze mij op een hoger niveau wilt krijgen, omdat het mijn verlang is, niet de hare. Het is de enige vraag wat in beide uitzendingen werd vertoond.
De uitzending van 19:30 was iets uitgebreider. Weer werden wij vertoond als degenen die hun zin niet kregen, dus vervolgens direct een rechtszaak starten. Hoewel wij weer negatief vertoond werden, had het geen negatieve consequenties. Het startte in ieder geval discussies bij mensen onderling.
Na de vakantie had de zorgcoördinator ons bereikt. Zoals eerder gemeld, kwam hij tot realisatie dat de situatie op school en het aanpassen aan het niveau ondraaglijk is voor mij. Hij kwam met het advies dat ik de gemiste proefwerken moest in halen op Rebound. Hij zij dat het een school is waar leerlingen individueel hun achterstanden kunnen wegwerken. Hetgeen wat hij ons melde was incorrect. Later werden we ingelicht dat het een school is voor gedragsprobleem leerlingen, die op een aparte en autoritaire wijze behandeld worden. Het was ons niet duidelijk wat de achterliggende gedachte was van de zorgcoördinator. Ook het Samenwerkingsverband wilde ons geen informatie verstrekken over het Rebound. Het was maar de vraag of het MDO goed en vlot zou verlopen.
Vlak voor het MDO waren wij in contact gekomen met het Aloysius College, een school die de Uniq-XL onderwijsvorm aanbiedt (=hoogbegaafdenonderwijs). Zij wilde mij mogelijk in de Havo plaatsen, wanneer duidelijk was of ik ondersteuning nodig had en zo ja, wat voor. De Havo teamleidster van die school - de persoon met wie wij in gesprek waren gegaan - herkende in mijn verhaal hoogbegaafdheid, maar mocht dat correct zijn dan zou het er mogelijk toe leiden dat ik ook vastloop het Havo niveau. Zij kwamen, net als die ECHA-specialiste, met het advies om mij te testen bij het Centrum voor BegaafdheidsOnderzoek (CBO) in Nijmegen. Hun testen zijn minutieus. Er zijn scholen die de uitslagen van het CBO aannemen als een volwaardig schooladvies.
De woensdag na de meivakantie vond het MDO plaats op mijn school. De psycholoog kon hier niet bij aanwezig zijn want een paar dagen voor het MDO moest hij om privé redenen zijn praktijk opheffen. Het was te kort tijd om een andere psycholoog te vinden. Mijn oom was wel aanwezig als vertrouwenspersoon.
Toen het MDO begon leek het alsof we tegen een eenheidsworst moesten discussiëren. Kennelijk had de school, het samenwerkingsverband, de schoolarts en de leerplichtambtenaar al een vooroverleg gevoerd, terwijl het samenwerkingsverband tegen ons had gezegd: We gaan allemaal schoon het MDO in. Dat was ons verteld toen we meer informatie over Rebound wilden hebben. De andere deelnemers wisten niet dat dat tegen ons was gezegd.
Bij het voorstel rondje werd aan mijn advocaat gevraagd, door de zorgcoördinator, of hij voor ons een vreemde of een kennis is. Hij is geen kennis van ons, maar in de tijd dat de Bureau Jeugdzorg zaak zich afspeelde was hij ook mijn advocaat. De zorgcoördinator wilde dit niet geloven en vroeg tot drie keer aan toe of hij daadwerkelijk een vreemde voor ons was.
Om alle duidelijkheid boven tafel te krijgen vroeg mijn moeder waarom de school niet bereid was om mij een Havo advies te geven. De teamleider sprak over mijn cijfers. Vervolgens zei hij dat de Bèta kant goed zat maar begon daarna vragen te stellen om te kijken of ik door de mand zou vallen, en zou zeggen dat ik de talige kant moeilijk vond. Ik antwoordde kortweg: "Het is kleuterwerk." Met een verbaasd gezicht antwoordde hij: "Nou, dat heb ik echt nog nooit gehoord." Meteen hield hij erover op. De statistieken waren het enige argument van de school om te zeggen dat ik Havo niveau niet aankon.
Wat er verder gebeurde was dat de zorgcoördinator een overeenstemming wilde creëren, dat ik op Rebound de proefwerken van Vmbo 3 zou inhalen (voor de zomervakantie) en mijn 'Vmbo-T carrière' elders zou vervolgen met een re-integratietraject onder leiding van de schoolarts of een psycholoog. Ik was het hier niet mee eens, evenals de leerplichtambtenaar. Hij zei (ook) dat er niet meer verder gezocht moest worden naar een plek op het Vmbo-T, omdat ik immers al was vastgelopen vanwege het gebrek aan uitdaging. Het idee dat ik naar Rebound zou gaan was van de tafel.
Tegen het eind van het MDO kwam de leerplichtambtenaar met het voorstel om mij, met een proefperiode op een Havo te plaatsen en dat er later een schooladvies wordt opgesteld, op basis van die proefperiode. Dit zagen alle deelnemers van het MDO wel zitten, maar de zorgcoördinator en de vertegenwoordigster van het samenwerkingsverband gingen met elkaar in discussie. Beide partijen hadden geen zin om een plek voor mij te zoeken, omdat het volgens hen onmogelijk was. De zorgcoördinator zei dat hij mij niet wist te verkopen. De leerplichtambtenaar zei daarentegen dat hij me niet moest verkopen, maar dat hij een Havo plek voor mij moest zoeken. "Het is toch koehandel." zei de zorgcoördinator. Spijtig genoeg klopt dat met de huidige regeling van de onderwijsinspectie. We kwamen met z'n allen overeen dat de school die mij in maart een kans wilde geven, bereikt moest worden. Ik moest een paar voorbeeld scholen noemen die mogelijk bereikt moesten worden, in geval dat de school mij weer zou afwijzen. De zorgcoördinator moest die scholen bereiken en hierbij kwam het MDO tot zijn einde.
De zorgcoördinator had de school bereikt en lichtte ons in over wat ze gezegd hebben. Ze wilden mij niet de plek gunnen omdat de zomervakantie naderde. Een ander argument was dat ze de overstap niet realistisch vonden. Een argument dat ons erg verraste. Verder had hij nog een school bereikt, die ik noemde als voorbeeld. Hij zei dat ze met de zelfde argumenten aankwamen, en dat ze allebei adviseerde dat ik het Vmbo-T eerst moest afmaken. Na het plegen van deze twee telefoontjes had hij het opgegeven en zei dat hij dacht dat de leerplichtambtenaar de regie wel zou overnemen.
De school had in de afgelopen tien maanden al bewezen dat ze te incompetent waren om een goed schooladvies te geven. Het was inmiddels hoog tijd dat die kwam, dus namen mijn moeder en ik de stap naar een extern bureau. Voor ons had het CBO in Nijmegen prijzige onderzoeken en lag een klein beetje aan de andere kant van Nederland. Toch was dit het enige bureau dat ons uit de brand kon helpen. De onderzoekscentra bij ons in omstreken waren voornamelijk op basisschoolleerlingen gericht of meldden ons dat hun testen niet zo uitgebreid waren en adviseerden ons wel met het CBO in zee te gaan. Ze hebben kennelijk vaker van hen gehoord.
De zorgcoördinator kon zich wel vinden voor een onderzoek van een extern bureau, maar hij voerde een handeling uit waarvan ik me afvroeg of hij die wilde uitvoeren of moest uitvoeren van een van de directieleden. Hij had kennelijk de beslissing genomen om eerst een 3 Vmbo-T plek te zoeken. Hij stelde ook dat ik op afzienbare tijd een diploma moest behalen. Als hoogtepunt ging hij zonder toestemming van ons de Vavo bereiken met de vraag of ik het komende schooljaar 3 Vmbo-T mag afmaken, waarbij ik mogelijk 4 Vmbo-T in hetzelfde jaar kan afronden, wellicht met verrijkingsstof. Zoals eerder vermeld was het plan juist om niet naar een Vmbo-T plek te zoeken. De ruimte om hierop te reageren – of we het wel überhaupt eens zijn met zijn beslissing – werd voor elk lid van het MDO ontnomen.
Uiteindelijk kregen we van het CBO te horen dat er
drie dagen waren dat ik langs moest komen. We hadden de hoogste
urgentie waardoor het onderzoek voor de zomervakantie afgerond kon
zijn. Mijn moeder en ik wilden dat ik goed uitgerust het onderzoek zou
ondergaan. Hierom gingen mijn moeder, de leerplichtambtenaar en de
schoolarts met elkaar in overleg. Alle partijen waren het met elkaar eens. Dit
was ook het advies van de schoolarts. De leerplichtambtenaar had
mij voor de rest van het schooljaar definitief afwezig gemeld,
wat niet verwijtbaar was in verband met de opgelopen stress en spanning. De zorgcoördinator was er ook tevreden mee dat er op tamelijk korte termijn een advies kon plaats vinden. Hij meldde ons ook dat dit advies leidend zal zijn voor het nieuwe schooljaar. Wat de directie hier van vond hebben wij niet meegekregen. Wij hadden niets meer van hen vernomen sinds het MDO.
De eerste dag vond het intakegesprek plaats met mijn onderzoeker. Mijn voorgeschiedenis en huidige situatie werden hierin onder meer besproken. Ook hetgeen wat ik van het onderzoek verwacht en wat ik hiermee wil bereiken. Hij vroeg op wat voor advies ik hoopte. Ik zei: “Minimaal 4 Havo, maar het liefst 4 Vwo.” Hij kon zich hierin wel vinden, en nam het mee in zijn onderzoek.
De tweede dag vonden de onderzoeken plaats. Het vulde een hele dag en de derde dag werd de uitslag besproken. Eerst de resultaten en vervolgens het advies. Het advies dat ik meekreeg voldeed aan wat ik hooptet te krijgen, namelijk: “Komend leerjaar instromen in 4 Vwo” al was het niet zonder het risico van een doublure, in verband met mijn kennisachterstand. De testuitslag deed wel vermoeden dat ik het Vwo met succes zou afronden. Uit alle testen die ik in het afgelopen decennia moest maken, was op te maken dat ik het meest baat heb bij hoogbegaafdenonderwijs.
Volgens de moderne visie op hoogbegaafdheid zou mijn testuitslag daar naartoe wijzen.
Instromen in 4 Havo was een mogelijkheid, maar sindsdien zagen wij (mijn moeder en ik) deze optie als een alternatieve route om naar het Vwo door te stromen. Mijn school had duidelijk gemaakt hoe scholen tegenover doorstromen staan, waardoor wij voorkeur hadden gekregen om mij direct op het juiste niveau te plaatsen. Waar de Havo-teamleidster van het Aloysius College ons voor gewaarschuwd had is dat, als blijkt dat het Havo niveau voor mij alsnog te laag ligt, de mogelijkheid voor onderpresteren nog steeds zou meespelen. Ik was meer gebaat bij de Vwo stof.
De black-out die plaatsvond op 20 maart was uiteindelijk geluk. Als ik aangenomen zou zijn had dat mogelijk weer tot onderpresteren geleid. In ieder geval zou de zaak heel anders verlopen zijn, slechter of beter?
De zomervakantie was nog niet in Zuid-Holland begonnen. Mijn moeder en ik hadden een aantal scholen nog net weten te benaderen. Een klein deel had geen plek, maar het merendeel had geen zin om te helpen.
Scholen hebben zorgplicht. Mijn leerachterstand zou volgens hen niet weg te werken zijn, ofwel ze zouden de juiste zorg niet kunnen aanbieden. Echter werd er geen zorg geëist vanuit de school, afgezien van dyslexieondersteuning. Dyslexie is inmiddels een handicap waarmee elke school in Nederland geacht wordt daarmee om te kunnen gaan! Mijn kennisachterstand zou weg te werken zijn met behulp van een leerachterstanden bureau of zelfstudie in mijn vrije tijd. Omdat scholen beweerden dat de achterstand niet, of niet in een schooljaar weg te werken zou zijn, zouden zij mij die kans niet willen geven om mij de ervaring van teleurstelling te besparen.
Vele scholen spraken over nog een ander argument. Door de benauwde handelswijze van scholen, kan geconstateerd worden dat dit hoogstwaarschijnlijk het argument was waardoor zij mij niet wilden, of durfden aan te nemen: De afrekencultuur van de Nederlandse Onderwijsinspectie! Twee indicatoren van dat systeem heten: Onderbouwrendement en Bovenbouwrendement.
Links het onderbouwrendement - Rechts het bovenbouwrendement
Doordat alle scholen gesloten waren gedurende de zomervakantie, kwam de zaak anderhalve maand tot stilstand. Na de zomervakantie konden we de scholen in Noord-Holland benaderen. Zij kwamen met dezelfde vrezende-argumenten die eerder genoemd zijn. Zelfs het argument Ga maar naar speciaal onderwijs kwam boven tafel. Dat was geen mogelijke optie, want daar had en kreeg ik geen indicatie voor.
Enkele scholen wilden ook, of enkel het schooladvies van mijn school accepteren. Daardoor kwamen we weer in contact met mijn school. De zorgcoördinator kreeg het rapport van het CBO, en ging het bespreken met de directie en de RT'er. Er trad bij mij een vraag op waarna ik best nieuwsgierig ben: Hoe zouden de directeur en de RT'er hierop gereageerd hebben, het advies 3 Vmbo-T --> 4 Vwo, vermits zij beweerden dat ik de Havo niet aankon?
In de tussentijd was ik thuis bezig met schoolwerk op 4 Vwo niveau. We bleven verder zoeken naar scholen. Van mijn school kreeg ik inmiddels de impressie dat zijzelf bezig waren een schooladvies te vormen, op basis van het CBO-rapport. De zorgcoördinator e-mailde naar ons onder meer, dat er onvoldoende, en niet (schoolgericht) leesbare testgegevens in het onderzoek zouden zitten, en de school zou opstroom nog altijd niet steunen. Het zou er op neerkomen dat ik 3 Vmbo-T over moest doen, als het aan de school lag. De zorgcoördinator zei dat hij het CBO had bereikt, met het verzoek of ze de testen wilde vertalen, zodat de school ze wel 'kon' lezen. Hij zei dat het CBO dat zou doen, maar het CBO zei tegen ons juist dat ze dat niet konden doen, gezien het om een niet vertaalbare testsoort ging. Dat wekte bij ons steeds meer wantrouwen op in de handelingen van de zorgcoördinator.
Het was overduidelijk dat ik niet binnen de regels te plaatsen was. Doordat we (mijn moeder en ik) ten einde raad waren, overwogen we contact te leggen met scholen in het buitenland. We hadden ons al ingeschreven voor een informatieavond van de EF-talenreizen, zodat ik op die manier onderwijs zou kunnen volgen. Het was raar te bedenken dat ik een uitwisselingsstudent moest worden om ergens geplaatst te kunnen worden, zodat scholen risicofactoren als mij konden ontlopen. Het is legendarisch dat de Nederlandse wetgeving deze houding bij scholen creëert, te danken aan de afrekencultuur.
Er moest op korte termijn een tweede MDO plaatsvinden. De zorgcoördinator moest een week weg. Om het MDO op korte termijn te laten plaatsvinden, zou de standaard plaatsvervangster de RT'er zijn. Hij raadde dat sterk af, maar volgens mij zagen hij, de RT'er en de rest van de school dat niet zitten. Daardoor vond het MDO pas na twee weken plaats.
Een paar dagen voordat dit MDO van start ging, hadden we een school gevonden die mij graag uit mijn situatie wilde helpen, maar zochten nog naar een alternatief omdat zij geen plaats meer hadden in het vierde leerjaar. Ook hebben zij veel expertise over hoogbegaafdheid en onderpresteren, ze hebben zelfs een aparte onderwijsvorm voor hoogbegaafden. De man die met ons daarover in gesprek ging wilde mij in die groep plaatsen, maar ook daar was geen plek. Zijn voorstel was om mij in 3 Vwo (regulier) te plaatsen, zodat ik in die groep kon instromen zodra er een plek vrijkwam.
Over deze school werd uitgebreid overlegd in het MDO, maar ook over een mogelijke fall-back scenario. De communicatie tussen de zorgcoördinator en het CBO, over het vertalen van de testen was een miscommunicatie bij opgetreden. Het was verrassend, dat de zorgcoördinator het advies van het CBO steunde. Daarentegen waarschuwde hij ons voor de houding van de directeur. Volgens de zorgcoördinator vond hij de betrokkenheid van het CBO 'maar overbodig gedoe', en vond zijn eigen schooladvies passender (doublure 3 Vmbo-T). De directeur was alleen bereid om zijn eigen advies te leveren naar andere scholen, wat vermoedelijk elke kans op een Vwo plek kon verpesten. "De directeur zit daar veel vaster in dan ik." zei de zorgcoördinator. De zorgcoördinator vond het zelf al duidelijk genoeg dat mijn school daar niet toe in staat is, omdat mijn capaciteiten al bekend waren bij hem en hij al veel meer verdiept zat in de zaak. Daarom gaf hij aan ons de tip, dat elke school hem moest bellen voor informatie vanuit de school, en zou daarmee in overleg gaan met de school. Na het MDO e-mailde hij naar ons dat de directeur zich heeft terug getrokken en dat de zorgcoördinator de definitieve woordvoerder is geworden namens de school. Ook moest de school een proefperiode van ongeveer een halfjaar aanbieden aan elke school die bereikt werd.
De eerder genoemde school wilde ook met de RT'er overleggen, zodat zij haar visie van dyslexie en onderpresteren over mij kon toelichten. Mijn moeder, evenals ik, vertrouwde de RT'er niet, en verbood dit contact. Hierdoor is er onenigheid ontstaan, waardoor het nog maar de vraag was of we nog verder met hen in zee gingen. Zodra we onze reactie hadden toegelicht aan die school was daar begrip voor.
Wegens die omstandigheid hadden we in de tussentijd met een andere school (Noem het: school X) opnieuw contact gezocht. Door die omstandigheden kwamen we met het idee om een derde MDO te organiseren, waarbij mijn school, school X, de leerplichtambtenaar en ik betrokken waren. Dat MDO had als doel om tot een overeenkomst te komen, zodat ik geplaatst kon worden. School X bereikte ons met de mededeling dat ze ons apart wilden spreken. Ze hadden ons voor niets naar hen laten reizen, want in dat gesprek zat de rector ons alleen maar de les te lezen. Hij zei tegen ons dat als niemand van de directie het plan voor een proefplaatsing actief steunt, geen enkele school mij zal aannemen. Zolang de directie van mijn school beweert dat ik op het Vmbo hoor, kwam het er wederom op neer dat ik zeer waarschijnlijk een smet zou zijn voor hun beoordeling.
Verder werd ons onder de neus gewreven dat zij als schooldirecteuren elkaar zo goed vertrouwen, dat bij een geschil de ouder per definitie fout zit.
De rector van school X ging de directeur bereiken om verslag te doen van dit gesprek.
Voordat zij dat hadden gedaan hadden we de zorgcoördinator bereikt. We hadden gemeld dat er iemand van de directie bij een MDO betrokken moet zijn, volgens die school. De zorgcoördinator zou aan de plaatsvervangster van de teamleider vragen om betrokken te zijn voor een mogelijk komend MDO. Hij had daarentegen geen zin om de directeur uit te nodigen.
Zodra de directeur en de rector van de andere school met elkaar overlegd hadden, e-mailde de zorgcoördinator ons. Hetgeen waar de zorgcoördinator ons voor gewaarschuwd had bleek correct te zijn. De rector van de andere school wilde een positief advies van de directeur hebben om mij in een derde of vierde leerjaar, Vwo te plaatsen. De directeur van mijn school beweerde dat hij dat advies niet kon geven, omdat hij maar een rapportje had van de Universiteit Nijmegen. Ook hadden we een MDO voorgesteld aan allebei de scholen. Dit was tussen beide partijen kennelijk niet ter sprake gekomen. "Telefonisch overleg tussen beide directeuren is blijkbaar de manier om voldoende info en uitwisseling te krijgen." E-mailde de zorgcoördinator verbaasd terug. Zelfs hij kan de directeur niet bepraten. De handelingen van de directeur was overduidelijk nog steeds dwarsbomend.
De school, met de speciale hoogbegaafdengroep, waarover overlegd is tijdens het MDO bleef met ons in contact, ondanks het meningsverschil over het overleg met de RT'er. Zij wilde wel contact met haar, maar niet met de directie. Daar hadden zij geen behoefte aan. Het eerste gesprek vond begin oktober plaats, dat inmiddels mijn zevende maand werd dat ik thuis zat.
Kort na de vakantie volgde weer een gesprek. Een deel van de proefwerken waren al nagekeken. Ze waren makkelijk te doen, en zij kregen een serieuze indruk over mij. De volgende handelingen werden besproken. Hieruit volgde dat ik nog drie bepaalde testen ging maken om mijn achterstanden van de kernvakken beter te indiceren. Tijd begon inmiddels te dringen! Door de uitval begon ik geïsoleerd te raken van medeleerlingen. Die testen vonden echter plaats op korte termijn, waarin alle kernstof van de onderbouw schriftelijk overhoord werd. Een soort examen voor onderbouw niveau.
Na het maken van die testen hadden ze de tijd nodig om ze na te kijken. Daardoor vond het volgende gesprek plaats in begin november, de achtste maand van mijn uitval. Voor het geval dat ze geen verdere acties wilde ondernemen, dan waren we nergens meer! We hadden inmiddels zoveel tijd verloren, waardoor het onmogelijk zou worden om een ander alternatief te regelen. Maar in dit gesprek werd juist de proefperiode besproken! Zolang de proefperiode duurde, tot het eind van de derde periode, kreeg ik een aantal steun-uren waarin ik kon werken aan mijn achterstanden.
In de avond hadden we contact gezocht met de leerplichtambtenaar en de zorgcoördinator. Beiden reageerde enthousiast. De zorgcoördinator reageerde ook verrast, maar hij kon ook een gat in de lucht kon springen toen hij hoorde dat mijn nieuwe school hem zou bereiken, en dat hij het bericht van hun moest doorgeven aan de directeur.
Het einde van het schooljaar was genaderd. Volgens mijn mentor, en een aantal anderen zou ik het onmogelijke hebben gedaan; een Vwo onderbouw afgesloten, met ontbrekende kennis uit de eerste twee leerjaren, en voor geen enkel vak gemiddeld een onvoldoende. Een gemiddelde van bijna een 7, en opgestroomd vanuit het Vmbo naar de hoogbegaafdengroep.
Nu, een latere aanvulling in 2019: Ik heb in deze groep de ruimte gekregen om op eigen snelheid het Vwo te doorgaan, waardoor ik Vwo 4, 5 en 6 in twéé jaar tijd heb gedaan. In 2017 behaalde ik mijn Vwo diploma, dus mijn middelbare schoolbaan zag eruit als volgt: 2,5 jaar Vmbo --> 8 maanden zelfstudie thuis --> 2,5 jaar Vwo. Een school kan zeggen dat een overstap naar een hoger niveau "niet realistisch" is zonder diegene een kans te geven op het desgewenste niveau. Dit is etisch niet juist! Maar niemand kan zelfstudie tegengaan. Scholen kunnen mensen in een zeer knellende situatie brengen, maar zelf werken - desnoods voor deelcertificaten - kan wonderen doen. Voor mij was het een schot in het donker om daaraan te werken, maar het heeft mij wel gered. Zelfs mij op een positie gebracht waarvan ikzelf en geen enkele school voor ogen hadden.
Hoewel de zaak al zijn einde had bereikt, bleef de valse beschuldiging - dat ik de remedial teacher meerdere malen via e-mail bedreigd zou hebben - mij nog steeds dwars zitten. Kort nadat de proefperiode ten einde kwam, was ik terug naar mijn oude school gegaan om verklaring te vragen. Daarbij was het mij geeneens duidelijk wat de bedreiging inhield. Des tijd beweerde de directeur dat het mijn woede-uitbarstingen waren. Wat voor woede-uitbarstingen?
De momenten dat ik langs ben geweest zijn vastgelegd en staan onderin. Hierin wordt getoond dat de school en de RT'er er alles aan doen om de beschuldiging in de doofpot te stoppen...
UPDATE 31-AUG-19: Inmiddels heb ik een apart artikel over geweid over dit e-mail incident en de uitingen die de RT'er heeft gemaakt. Deze is terug te lezen op mijn journalistieke blog: https://euantonjohan.wixsite.com/antonjohan/montessori-college-aerdenhout